18 x bezienswaardigheden in Aalst: wat zeker zien tijdens je bezoek?

Download fietsgids Oost-Vlaanderen

18 x bezienswaardigheden in Aalst: wat zeker zien tijdens je bezoek?

28 juli 2020 in België0 reacties

Wil je ook wel eens wat anders dan die platgereden grootsteden als Gent, Antwerpen en Brussel? Neem dan even de tijd om je te laten verrassen door het Aalsterse schone.

De Aalsterse ‘Ajuinen’ verwelkomen je graag in de tweede grootste stad van Oost-Vlaanderen. Bekende figuren, heel wat historische gebouwen, onverwachte plekjes, een leerrijk museum en gezellige winkelstraten met hier en daar een hip cafeetje. Dat is wat de stad te bieden heeft.

Het is een stad met een rijke geschiedenis en dat zal je op verschillende manieren ontdekken. Oh ja, proef ook zeker ‘het gouden bruin van Aalst’, wat staat voor de Aalsterse vlaai, een erkend en heerlijk streekproduct!. Aalst? Verrassend méér dan alleen carnaval. Welkom in de Ajuinenstad!

Inhoud artikel

  1. Grote Markt van Aalst

Geen beter startpunt van je verkenningstocht door Aalst, als de Grote Markt. De Grote Markt van Aalst is de geschikte plaats om kennis te maken met de bezienswaardigheden van deze culturele stad. Het ademt de sfeer van een waar openluchtmuseum uit met de talrijke historische gebouwen en figuren.

De opvallende Borse van Amsterdam, het stadhuis met een prachtige rococogevel. Dirk Martens en zijn standbeeld in het midden van de Grote Markt, Ondineke die verstopt staat op de binnenkoer van het stadhuis. En... dan moet je ook maar eens proberen het schepenhuis, het belfort en het Gebiedshuisje uit elkaar te halen. Geniet vanop enkele gezellige terrasjes van de mooie monumenten om je heen en laat je verrassen.

  1. Het Belfort, Schepenhuis en Gebiedshuisje

Maar dé blikvanger van de Grote Markt is toch wel het oud schepenhuis met de belforttoren en het kleine gebiedshuisje. Het oud schepenhuis werd in 1225 gebouwd en is daarmee het oudste bewaarde schepenhuis van de Nederlanden. Op de voorgevel vind je twee beelden terug die de graven van Vlaanderen en de graven van Aalst voorstellen.

De sierlijke belforttoren zelf is opgenomen in 1999 op de UNESCO Werelderfgoedlijst en herbergt één van de oudste beiaarden van ons land. De neogotische wijzerplaat op de toren werd in 1964 vervangen door een exemplaar van halve bollen. Sindsdien noemden de Aalstenaars het belfort ‘den tettentoeren’, verwijzend naar de gelijkenis tussen de klok en vrouwenborsten.

Wist je dat er ook een leuke escape room te vinden is in de kelders van het belfort ... je dient er te ontsnappen aan de bende van Jan de Lichte, meer info vind je hier.

Het kleine, vooruitspringende gebiedshuisje dateert uit de laatgotische eeuw en diende als plaats waar de stadhouder de wetten aankondigde voor het volk dat zich toen op de Grote Markt verzamelde. Voor de sportievelingen onder ons, kan je de 136 trappen van het belfort betreden en als beloning krijg je een prachtig zicht op de stad en de 52 beiaardklokken.

  1. Dirk Martens

Ongeveer te midden van de Grote Markt van Aalst staat het beeld van Dirk Martens, de eerste drukker van de Zuidelijke Nederlanden. Deze gewaardeerde drukker werd geboren in Aalst en trok na zijn opleiding naar Venetië om het vak van drukker aan te leren. In 1473 stichtte hij een eerste atelier waar hij drie romans drukte en werd daarmee de eerste drukker in de Zuidelijke Nederlanden.

In het begin van zijn carrière gebruikte losse letters waardoor hij goedkoper kon werken. Hij drukte onder meer een reisverslag van Christoffel Colombus en het befaamde Utopia van Thomas More.

Tot 1486 bleef het even stil maar dan richtte hij een tweede atelier op in Aalst en enkele jaren later ook in Leuven en Antwerpen. Dirk Martens stierf in 1534 en kreeg als ereburger een standbeeld op de Grote Markt in 1856. Dat was niet alleen omdat hij pionier was in het drukken van boeken in de Lage Landen maar eveneens omdat hij het humanisme naar de Aalsterse buurt bracht.

Weetje: De Aalstenaren noemen dit standbeeld wel eens 'de zwarte man' of op zijn Aalsters 'de zwette men' omdat het brons zo verkleurd is.

  1. Borse van Amsterdam

Wanneer je voor het belfort staat, staat er op je linkerkant een iconisch gebouw in Renaissance-bouwstijl op de plaats waar zich in de middeleeuwen het vleeshuis bevond. Oorspronkelijk was de Borse (beurs) van Amsterdam een afspanning in de 17de eeuw. Aalst lag immers op de weg tussen Lille (Rijsel) en Amsterdam.

Terwijl de handelaars en reizigers hier sliepen en aten, konden de paarden hier ook even uitrusten. Op het eerste verdiep was de armenkamer, een dienst voor steuntrekkers. De dag van vandaag kan je er heerlijk eten in het restaurant en drinken op het terras met uitzicht over de Grote Markt.

Wil jij ook graag Aalst ontdekken? Download onze gratis stadswandeling door Aalst of ga je op verkenning met de fiets, dan hebben we ook een fietsroute rond Aalst.
  1. Carnavalsmonument

Aalst is natuurlijk bekend om haar culturele evenement Aalst Carnaval, maar wat echt authentiek is voor de stad, is de ‘Voil Jaennet’. Sinds 1997 vind je dan ook een bronzen beeld van de Aalsterse kunstenaar Hendrik Muylaert dat staat voor het carnavalvierend Aalst.

Het stelt een naakte, geslachtsloze Voil Jaennet voor, die al wankelend zijn schoen uittrekt. Het monument stond jarenlang in de inkomhal van het stedelijke museum maar is sinds 2014 terug te bewonderen in openlucht op de Hopmarkt.

  1. Stadhuis en Landhuis

Het Stadhuis van Aalst

Het neoclassicistische gebouw langs de marktzijde werd opgetrokken rond 1830 onder leiding van de Gentse architect Louis Roelandt. Vandaag dient het stadhuis enkel nog voor trouwers die elkaar het ja-woord geven, de officiële ontvangsten en de maandelijkse gemeenteraad. Elk jaar bij het carnavalgebeuren, wordt het stadhuis helemaal versiert en dient het als decorstuk van de popverbranding. Wil je graag eens een kijkje nemen in het stadhuis? Dan kan dat onder begeleiding van een gids.

Het Landhuis

Als je de binnenkoer van het voormalige stadhuis betreedt, zie je een prachtige rococogevel. Daar was het voormalige Landhuis van waaruit de gemeenten van Aalst tot en met Geraardsbergen werden bestuurd. Het gebouw dateert van de 17de eeuw maar alles wat je nu ziet is gebouwd in de 18de eeuw.

In de hoek van deze prachtige gevel, vind je een herdenkingsmonument in het Frans, ter ere van de Aalsterse helden die hun leven gegeven hebben tijdens de onafhankelijkheidsstrijd in 1830. Rechts daarvan staat het beeld van Ondineke. En als je met je rug naar de rococogevel staat, zie je aan de rechterkant een lange ijzeren staaf tegen de muur. Dat is de "Aalsterse Roede", een lengtemaat van 5,54 meter.

  1. Ondineke

Het beeld van Ondineke heeft 2 verschillende betekenissen

  • Enerzijds is het een figuur vanuit het boek ‘De Kapellekesbaan’ van Louis Paul Boon.
  • Anderzijds staat de naam tegenwoordig ook bekend voor een Aalsters biertje van hoge gisting dat ambachtelijk gebrouwen wordt in het nabij gelegen Erpe-Mere.

Ondineke is in het verhaal van Boon een brutaal en ambitieus arbeidersmeisje, dat met gezin in het gehucht Ter Muren woont. Net als de familie van Ondineke zijn de meeste mensen hier arme fabrieksarbeiders maar zij weigert zich bij de situatie neer te leggen en doet er alles aan om uit het grauwe fabrieksstadje te ontsnappen. Sommige bronnen beweren dat ze wel eens meer deed dan alleen maar haar charme gebruiken om hogerop te geraken. Dit beeldje is een kopie, het origineel staat in het Stedelijk Museum.

  1. Louis Paul Boon

Voor de literatuurliefhebbers onder ons, is deze bezienswaardigheid een must. Naast de bekende Aalsterse drukker Dirk Martens, heeft stad Aalst ook een standbeeld van de schrijver Louis Paul Boon. L. P. Boon zag zijn geboortestad en haar geschiedenis als een inspiratiebron voor zijn werken en is vooral bekend om zijn romans ‘De Kapellekesbaan’ en ‘Menuet’.

Met deze vertaalde werken, werd hij voorgedragen als kandidaat voor de Nobelprijswinnaar. Andere bekende werken zijn ongetwijfeld ook 'Daens' en ‘Zomer te Ter Muren’. Als ode aan de schrijver, plaatste de stad een standbeeld op aan het Utopiaplein (aan de stadsbibliotheek). Hier kom je oog in oog te zitten met ‘De Verteller’. Deze kan je vinden in de Peperstraat, samen met de leuk gekleurde huizen vlak naast Utopia (de stadsbibliotheek.) De huisjes staan bekend als het Nyhavn van Aalst.

Wil je graag meer weten over Boon en zijn werken? Dompel jezelf onder in de wereld van de Aalsterse schrijver en boek een rondleiding of koop de wandelbrochure die verkrijgbaar is in het toeristische kantoor op de Hopmarkt of via deze link op de site.

  1. Het Station van Aalst

Ook het station van Aalst mag zeker niet ontbreken bij je bezoek aan de stad. Het spoorwegstation, samen met de omliggende wijk, werd in 1852 ontworpen door Jean-Pierre Cluysenaer die zijn inspiratie haalde van de zuilengalerij van de Borse van Amsterdam. De kantelen, de hoektorentjes en de centrale gevechtstoren herinneren aan een middeleeuws kasteel.

De rechtstreekse treinverbinding van Gent naar Brussel via Aalst diende voornamelijk voor de verspreiding van Aalsterse producten. Het was een voordeel voor de bevoorrading van de vele fabrieken die Aalst rijk was. In 1990 werd het stationsgebouw volledig opgeknapt en vandaag de dag doet de stad Aalst er alles aan om een nieuwe energieke stadsomgeving te realiseren. Momenteel is het stationsplein omgevormd tot een aangenaam en dynamisch trefpunt voor het bruisende Aalst. Ook is dit een belangrijke plek voor de Aalstenaars tijdens Carnaval. Voor de carnavalsstoet wordt hier een grote tribune neergeplaatst maar het is ook de verzamelplaats voor alle Voil Jaenetten die hier dan gezamenlijk vertrekken.

  1. Adolf Daens en zijn geboortehuis

Priester Adolf Daens ijverde voor de politieke en sociale hervormingen en zette zich in voor de belangen van arbeiders, de kleine zelfstandigen en de boeren. Als volksvertegenwoordiger voor Aalst kwam hij meermaals in aanvaring met de katholieke partij. Op het werfplein vind je dan ook het standbeeld van de priester terug omringd met een arbeidersgezin. Ook zijn geboortehuis, of beter gezegd de plaats waar dit huis ooit heeft gestaan, vind je in de Kerkstraat 11. Hier kan je zelfs tijdens je verkenningstocht even halt houden en genieten van een koffietje.

Weetje: Louis Paul Boon schreef een boek over Pieter Daens en in 1992 werd het boek verfilmd door Stijn Coninx. In 2008 en 2020 volgen er ook musicalvoorstellingen door Studio 100.

  1. Sint Martinuskerk

In het hart van de stad, vlakbij de Grote Markt én op het Priester Daensplein, vind je de Sint-Martinuskerk. De Sint-Martinuskerk is de hoofdparochiekerk van de stad Aalst en een stijlvoorbeeld van de Brabantse gotiek. De kerk is toegewijd aan de patroonheilige Sint-Maarten. En vergis je niet! Hij, en niet Sinterklaas, brengt in Aalst ieder jaar op 11 november lekkers voor alle brave kinderen!

Je kan hier tevens een waar kunstwerk bewonderen van Rubens, namelijk het schilderij 'De Heilige Rochus door Christus aangesteld tot patroon van de pestlijders' (op de zuidelijke zijbeuk).

De kerk heeft ook een rijke geschiedenis die het gebouw gevormd heeft tot het unieke erfgoedmonument dat het vandaag is. Diverse restauratiecampagnes, twee wereldoorlogen en een brand. Hierdoor werd de kerk nooit volledig afgewerkt. In mei 2003 begonnen de restauratiewerken van de Sint-Martinuskerk: een project van 10 fasen dat nog loopt tot en met 2027.

Weetje: Priester Daens werd hier gedoopt, deed er zijn eerste communie en droeg zijn eerste mis op in 1873.

  1. 't Gasthuys - Stedelijk Museum Aalst

Al in de vroege 12e eeuw vormde deze plaats, het centrum van de bedrijvigheid in Aalst en werd afgestaan aan de stad om er een hospitaal te bouwen. Het is de oudste kern van Aalst en de plek van waaruit de stad zich steeds verder ontwikkelde vanaf de 12e eeuw. Oorspronkelijk was het slechts een klein kloostergebouwtje met een kapel en ziekenzaal, maar het complex in zijn huidige vorm dateert voornamelijk uit de 15de tot 17de eeuw met nog enkele verbouwingen en uitbreidingen in de 18de en 19de eeuw, bijvoorbeeld de pastoorswoning en het dispensarium. Er was ook een boerderij aan verbonden met een aantal schuren, stallen en een woonhuis.

Het voormalige hospitaal dient nu als stedelijk museum waar je alles kan ontdekken over de geschiedenis van de stad. Je komt onder andere meer te weten over het DNA van Aalst, de geschiedenis van Carnaval en de bekende historische figuren die geboren zijn te Aalst.

  1. Valerius De Saedeleer

Aalsterse landschapsschilder, Valerius De Saedeleer kreeg zijn eerste artistieke vorming aan de Gentse Academie voor Schone Kunsten en schilderde voornamelijk de Leiestreek en de Vlaamse Ardennen. Hij is een van de voornaamste vertegenwoordigers uit de eerste periode van de Latemse school (zie hier voor enkele van zijn werken).

Na zijn overlijden, werd hij als ereburger van de stad, in een monumentaal graf op de begraafplaats van Aalst gezet. En wanneer de Oude Vismarkt heraangelegd werd, kreeg Valerius De Saedeleer een standbeeld. Een monumentale bronzen figuur staat nu tussen het stadsarchief en ’t Gasthuys Stedelijke Museum, waar er een volledige zaal met landschapschilderijen aan hem gewijd is.

  1. Begijnhof

Het Aalsterse begijnhof werd begin 13e eeuw gebouwd op grondgebied dat behoorde aan de Abdij van Affligem. Eeuwenlang was hier een begijnhof te bezichtigen, tot men besliste om de vervallen huisjes van toen, te slopen en te vervangen door sociale woningen. Momenteel vind je er alleen nog maar de classicistische Sint-Catharinakerk uit 1787, de kapel Sint-Antonius van Padua uit 1872 en twee originele huizen die gespaard bleven van de sloop.

  1. Keizersplein

Het is niet te vergelijken met de Champs-Elysées maar het is zeker ook de moeite waard om eens over te lopen. Op de restanten van de toenmalige middeleeuwse wallen bouwde de bourgeoisie in de 18e en 19e eeuw typische herenhuizen die het plein nu nog altijd typeren.

Destijds woonden hier de kopstukken van de Liberale en de Conservatieve partij. De witte bepleisterde gevelpartijen zijn versierd met zuilen, sierstukken en hier en daar een balkon boven de ingang. In 1997 werd het geheel van herenhuizen en de bomenrijen middenin beschermd als stadszicht. Het standbeeld van koningin Astrid, geplaatst in 1938, en dat van koning Boudewijn, opgericht in 1991, vormen het begin en einde van de bomenrij.

  1. Het Stadspark

Even ontsnappen aan de stadsdrukte? Wandel door de prachtige ‘bomenshow’, ontdek de talloze vogelsoorten, leef je uit op de speelterreinen, en rust uit bij de twee visvijvers (spiegel en ballonvijver). Het stadspark werd in 1915 aangelegd met meer dan 100 verschillende boomsoorten. Het aanpalende natuurgebied ‘den Osbroek’ is een waar paradijs voor wandelaars.

Dit unieke groenpark heeft dus voor ieder wat wils. We raden je ook zeker aan om even halt te houden bij het melkhuisje. Het melkhuisje dankt zijn naam aan de verplichte en onbeperkte verkoop van melkproducten vanaf 1916. Maar vandaag nodigt het melkhuisje, met het gezellige terras, uit voor een drankje en een hapje en een mooi uitzicht over het park.

  1. Aalsterse Carnavalshallen

Wie Aalst zegt, zegt Carnaval. Dat is wel duidelijk! 3 dagen, 3 nachten alles geven. Elk jaar leven er duizenden Aalstenaars naar dit moment toe en dat zal je geweten hebben. Tijdens de zondagstoet trekken er ongeveer 70 groepen door de centrumstraten. Prachtige praalwagens en kunstwerkjes van kostuums.

Het is dus zeker de moeite waard om de carnavalshallen een bezoekje te brengen, tijdens je bezoek aan Aalst. Het is de ideale manier om de ziel van het Aalsterse Carnaval te leren kennen. Het is namelijk de plaats waar de carnavalsgroepen maandenlang met hart en ziel werken aan hun eigen praalwagens. Een sfeer die onbeschrijfbaar is. Kom je met de trein? Dan zal je merken dat de hallen al van ver opvallen dankzij de prachtige opgesmukte graffiti op de muren.

  1. Aalst Carnaval

Aalst staat synoniem voor Carnaval en vice versa. Het geeft de stad en haar inwoners een eigen unieke identiteit en imago waar ze enkel en alleen maar fier op zijn. Het is de traditie dat carnavalisten en carnavalsgroepen op een ludieke manier de spot drijven met lokale, nationale en zelfs internationale gebeurtenissen. Ieder jaar zakken er maar liefst tussen de 80 000 en 100 000 bezoekers af naar de Ajuinenstad, meestal de 3de of 4de week van februari.

Iedereen heeft recht op vrije meningsuiting en daar maken ze dan ook gretig gebruik van. Het gaat om de spot en de satire zonder de bedoeling iets of iemand te kwetsen. Als Aalstenaar leef je een heel jaar door naar carnaval toe. De prachtige praalwagens die je in onze straten ziet flaneren, kunnen onmogelijk op enkele weken gebouwd worden. Dat is maanden lang naar die ene dag toe leven. Het moet een passie zijn of je houdt dat niet vol. Daar kruipt bovendien ook een massa geld en tijd in.

Om de sfeer van de Aalsterse carnaval te begrijpen zoals het echt is, moet je het gewoon zelf eens ervaren. Wij raden je aan om 3 dagen lang mee te vieren met de Aalsternaars en te genieten.

3 dagen lang feest, 3 dagen lang plezier: hoe verlopen deze dagen?

Dag 1: Zondag - Carnavalsstoet

Tijdens de zondagstoet trekken zo’n 70-tal carnavalsgroepen door de 22 straten van Aalst. De stoet begint normaal om 12u45, de carnavalsgroepen rijden hun praalwagens uit de hallen en vormen zo een kleurrijke parade. De groepen presenteren hun meterslange, sierlijke praalwagens aan het grote publiek en tonen het beste van zichzelf door een ingeoefend dansje te performen. De zondagsstoet is ook hét pronkmoment voor alle carnavalsgroepen.

Het hoogtepunt is de passage op de Grote Markt, aan de voet van ‘den Tettentoeren’ waar de belangrijke juryleden en de burgemeester op een tribune zitten te kijken. De laatste praalwagen rijdt meestal rond 22u over de Grote Markt, ellenlang kijkplezier dus!

Natuurlijk zijn er naast de officiële carnavalsgroepen ook nog een heleboel losse groepen in de stoet. Zij maken hun attributen ‘last minute’ en kunnen daardoor gaan voor recente gebeurtenissen.

Dag 2: Maandag - Bezemdans van de Gilles en Ajuinworp

Als carnavalist of toerist, ben je natuurlijk vrij om te kiezen of je de volle drie dagen gaat feesten. Maar als je in een carnavalsgroep zit, moet je ook op maandag weer van de partij zijn. In de namiddag trekt de stoet namelijk voor een tweede keer door de straten van de stad, gelukkig wel een verkort traject.

Om 14u start op de Grote Markt de bezemdans van de Aalsterse Gilles. Een folkloristisch ritueel waarbij ze de boze geesten verjagen en hopen op een goede oogst. Een prachtig schouwspel waar ze met hun klompen de grond aanstampen en hun belletjes laten rinkelen! Aansluitend op de bezemdans, is er de ajuinworp waar er duizenden snoepajuintjes gegooid worden naar het volk en waarvan eentje een gouden ajuin is. Wie deze vangt, wint een prijs!

's Avonds is het voor alle carnavalsgroepen de moment van de waarheid: de prijsuitreiking van de carnavalsgroepen. Na de prijsuitreiking trekt men massaal terug naar het centrum om de tweede nacht in te gaan!

Dag 3: Dinsdag - Voil Jaenettenstoet en Popverbranding

Op de laatste dag, overspoelen duizenden carnavalisten in vrouwenoutfit met extravagante bh’s, oude korsetten, kapotte paraplu’s, nachtpotten, vogelkooien met een droge haring in en kinderwagens de centrumstraten en spotten met iedereen.

Vanwaar komt nu deze traditie?

Heel wat mensen zien de definitie van een ‘Voil Jaenet’ verkeerd. Het is geen verwijt maar een fenomeen dat afstamt van de 19e eeuw wanneer de armere mensen gingen feesten, verkleed in wat ze thuis liggen hadden: voornamelijk oude kledij van hun grootmoeder. En onthoud! Een Voil Jaenet, is geen travestiet!

De 3 dagen, worden afgesloten met de popverbranding. Een moment waarbij je haren recht komen te staan. Om het einde van carnaval aan te kondigen wordt er op de Grote Markt een carnavalspop in brand gestoken. Ieder jaar zingt Keizer Kamiel en de prins enkele carnavalsliedjes waarbij heel wat traantjes vloeien.

Soms valt het al eens voor dat de pop niet in brand wilt schieten wegens het slechte weer, waarbij de carnavalisten dit aanzien als ‘een teken van de heer die niet wilt dat het carnavalsgebeuren op zijn einde loopt’ waarop de prins het volk luidkeels toeroept ‘onzjier es nen ajoin’. Een emotioneel moment, dat je echt moet beleven!

Winterfoor

De week voor en de week na carnaval palmen meer dan 100 kermisattracties en eetkramen de pleinen in de stad in. Sinds jaar en dag is de zogenoemde ‘Winterfoor’ de ideale stemmingsbrenger van Aalst Carnaval. Geniet van een plezierig kermisdagje en proef van de overheerlijke ‘smaâbollen’ (oliebollen).

  1. Aalst en z'n vete met Dendermonde

Al eeuwenlang speelt er ook een vete tussen Aalst en Dendermonde. Deze gaat terug tot de 12de eeuw, toen Dendermonde tol begon te vragen voor schepen die vanop de Schelde via de Dender richting Aalst wouden varen. Een kostelijke doortocht want schippers moesten betalen voor elke keer ze door de sluizen van Dendermonde wouden varen.

Aanvankelijk kon Aalst dit wat omzeilen door in Baasrode al de schepen te lossen en over land alles naar Aalst te vervoeren. Deze tolheffing bleef duren tot halfweg de 19de eeuw.

  • Maar niet alleen deze economische aderlating was een bodem voor de vete
  • Ook het feit dat de eerste spoorlijn Brussel-Gent via Dendermonde liep
  • Willem van Oranje er een legerkazerne bouwde
  • Napoleon er een rechtbank installeerde zorgde voor de nodige afgunst bij de Aalstenaars.
  • Wie Dendermonde beter wil leren kennen kan onze stadswandeling door Dendermonde downloaden.
De Aalstenaars lachen maar al te graag met het folkloristische Ros Beiaard van Dendermonde, en als satire ontstond zo in Aalst het Ros Balatum.
  1. Onze favoriete café's in Aalst

  • The Music Club: Gelegen in het geboortehuis van Priester Daens, achter de fraaie Zwitserse gevel van dit historisch gebouw schuilt er een tijdloze, rustige en gezellige Jazz en Lounge Bar - The Music Club - die er zijn deuren opende in 2006. Je voelt meteen de warme en gezellige sfeer vanaf de moment dat je de bar binnenwandelt. Genieten van een lekker glaasje bij het mooie weer? Dan kan je altijd op de bovenste verdieping op het terras gaan zitten. Meer info op de site.
  • Café 't Kraaiken: Te midden op de Grote Markt, vind je het café 't Kraaiken. 't Kraaiken is een naam met een rijke geschiedenis. Dit gezellige café is het kleinste, maar meest gezellige cafeetje op de Grote Markt. Meer info op de site.
  • De Prins drinkt Koffie: De uitbater van deze koffiebar startte ooit als mobiele koffiebar op de markten en opende in 2016 de koffiebar 'Prins drinkt Koffie'. De bar is zodanig ingericht dat zowel de oudere generatie als de hippe jeugd zich hier welkom voelt. De naam van de koffiebar is een knipoog naar 1996, wanneer de uitbater Prins Carnaval was. Meer info op de site.
  1. Waar overnachten in Aalst

Op citytrip naar Aalst? Waar blijven overnachten? Een overzichtje van onze favoriete hotels en B&B's in Aalst.

Hostellerie De Biek

De voormalige brouwerij De Valck, die midden in het centrum van Moorsel ligt, is enige jaren geleden getransformeerd tot restaurant en hotel De Biek. Daarnaast organiseert de Hostellerie wandel en fietstochten in de omgeving van Aalst. Meer info en boeken.

Hotel Royal Astrid

Het charmehotel Royal Astrid is een luxe driesterrenhotel in het centrum van de stad. Het hotel is gevestigd in een recent volledig gerenoveerde oude herenwoning op één van de oudste en mooiste boulevards van Aalst. Naast een goede nachtrust kan je hier ook genieten van een heerlijk ontbijtbuffet. Eens je uit het hotel gaat, kan je verschillende kanten op. Het treinstation is namelijk op 10 minuten wandelen en het centrum bevindt zich op een steenworp. Meer info en boeken.

  1. Wat is de ligging van Aalst op kaart?

  1. Mis niets tijdens je bezoek aan Aalst met onze reisgids

Herkenbaar: Je wil er zeker van zijn dat je niets mist tijdens je citytrip Aalst? Stop je opzoekingswerk, wij deden dit reeds voor jou. Download onze compleet uitgestippelde wandeling door Aalst en ontdek de mooiste plekjes van de ajuinenstad.

Aalst stadswandeling

Gratis reisgids Aalst downloaden

Wil je elke week leuke reistips en voordelen ontvangen?